Scherven brengen bevrijding

G. van der Veen, Groningen

Een verhaal van Stichting Oorlogs- en verzetscentrum Groningen*

Op vrijdagmiddag 12 april 1945 kwamen er luidsprekerauto’s door de straten van Groningen, die omriepen dat wegens oorlogsgevaar iedereen in huis moest gaan. “Wie zich buitenshuis begeeft of bij het raam staat, wordt doodgeschoten!” Wij woonden in de binnenstad. Onze kamer was achter, dus niet aan de straat, maar we konden wel iets zien van wat er buiten gebeurde. Het bevrijdingsleger, bij ons vooral Canadezen, kwam al aardig dichtbij. We hoorden de kanonnen dreunen. Tegenover ons was een kleine inham in de huizen. Daar kwam een mitrailleurschutter zijn wapen installeren. Soms ging hij erachter liggen, maar hij schoot nog niet.

Toen we boven voorzichtig door een klein raampje naar buiten keken, zagen we dat de hele Grote Markt in brand stond en dat het vuur onze kant op kwam, de Oude Ebbingestraat in. Dat was wel angstig. Op dat moment kwam er net een Duitse patrouille de hoek om en zag ons staan. Meteen richtten ze hun geweer op ons. Mijn vader zag het gebeuren, gaf ons een duw en riep: “Wegwezen!” Op hetzelfde moment schoten ze op ons en wel precies door het raampje waar we net nog voor stonden te kijken. Door de snelle reactie van vader werd er niemand geraakt. Wel schrokken we nog eens extra door een geluid achter ons. De kogel had een touw geraakt waaraan een grote spiegel hing. Die kletterde naar beneden en aan diggels! Toen we weer beneden kwamen, bij moeder in de kamer, zei ze: “Wat is er gebeurd? Jullie zien zo bleek.”

Iets later zagen we buiten allemaal mensen langslopen met witte doeken en vlaggetjes, die tijdens een vuurpauze mochten vluchten voor de brand. Toen hebben wij een stapel kleren op een oude fiets zonder banden gelegd en zijn zo ook gevlucht, naar familie een paar straten verderop. Zo liepen we over de Ossemarkt door een regen van vonken en daar zagen we soldaten, met van die gekke, platte helmen. Dat waren de Canadezen; daar was de stad al bevrijd!

\\

De heer van der Veen, 2005 - Foto: fam van der Veen
De heer van der Veen, 2005 - Foto: fam van der Veen

Het laatste stukje stad dat werd verdedigd was net waar wij woonden, de Oude Ebbingestraat en de Hofstraat. Daar zaten een stel fanatieke SS’ers die zich niet wilden overgeven. Toen dan eindelijk de volgende dag, maandag, ook dat deel bevrijd was, gingen we langs de Spilsluizen weer terug. Daar lag een hele rij gesneuvelde Duitse soldaten. Als jongens hadden we nog nooit dode mensen gezien, maar we vonden het niet eng. Toen waren het nog ‘maar vijanden’. Eén of twee dagen later werden de lichamen opgehaald met een paard en wagen. Ze werden gewoon op elkaar gestapeld.

* Dit verhaal is onderdeel van: Bevrijd! Kleine grote herinneringen aan de bevrijding Een project van Oorlogs- en verzetcentrum Groningen.